gebr Pas 2

Afdrukken

de gebroeders Pas
en hun levensloop

De gebroeders Pas
In de gemeente Bergh, in Zeddam, worden de gebroeders Pas geboren:
Jan op 19 september 1887, Gerrit op 23 februari 1889, Henk op 18 mei 1897 en Theo op 16 juli 1901. Je kunt je afvragen, waar Jan en Gerrit de technische knobbel aan te danken hebben die hen in staat stelde om oprichters en directeuren te worden van fabrieken die vandaag-de-dag nog bestaan in Zeddam:
Machinefabriek en Technisch Bureau Bergia aan de Vinkwijkseweg 32 (1914)
— waarover hieronder uitgebreid gesproken wordt— en Pas-Reform bv, fabriek van broedmachines en broederijsystemen aan de Bovendorpsstraat 11(1919).
Jan stichtte Bergia; Gerrit stichtte Pas-Reform dat na zijn overlijden in 1930 verder door Theo werd geleid.
Uit het vorenstaande is duidelijk geworden dat de gemeente Bergh en zeker het dorp Zeddam nu juist niet stonden te popelen van verlangen om aan de industriële ontwikkelingen mee te doen.
Het gezapige leven verliep tot de eerste wereldoorlog (1914) nog zoals het al eeuwen verlopen was: huisje - boompje - beestje, de buurt met zijn zorgen, zijn vriendschap en zijn gekrakeel, alles op zijn tijd. Geen schokkende gebeurtenissen. Zeker geen voedingsbodem voor jong technisch vernuft. Waar hebben die jongens hun technische knobbel dan wel vandaan? Omdat ik vermoedde dat het antwoord op deze vraag ongetwijfeld in het voorgeslacht van deze knapen te vinden zou zijn, ben ik begonnen de kwartierstaat van de jongens-Pas bij elkaar te zoeken.
Ik heb hem op blz. 10 afgedrukt. Een kwartier-staat is een tabel, waarin de voorouders van één persoon (en haar/zijn broers en zusters) staan opgetekend. Het zou namelijk heel goed kunnen dat die technische knobbels een soort 'erfelijke ziekte' zijn. En die erfelijkheid kan komen van vaders-kant, maar natuurlijk ook van moeders-kant. En inderdaad: via de kwartierstaat kon ik doorprikken naar de oorsprong van de techniek bij deze jongelui. Het is duidelijk dat van de Berghse kwartieren niets te verwachten viel (kw nrs 2, 4-5, 10-11) en evenmin van de Mehrse (kw 8-9). Het voorgeslacht van moeder Pas, Anna Arnoldina Brinkhoff (kw 3), biedt meer mogelijkheden.
Haar vader Johannes Bernardus Brinkhoff (kw 6) is landbouwer, als hij in 1853 trouwt voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van Bergh, maar hij blijkt toch ook al in de ban van de techniek te leven. Volgens de familietraditie werkte hij in de scheepsbouw in Kleef en bouwde hij een olieslagerij in Maarssen, waar zijn dochter Anna Arnoldina werd geboren, die later de vrouw van Gerardus Pas zou worden (kw 3). Hannes Brinkhoff bewoog zich echter ook op het glibberige uitvinderspad.
Uit de patentbrief die hem op 27 maart 1855 door koning Willem III wordt uitgereikt, blijkt dat hij zich het hoofd heeft gebroken om een 'perpetuum mobile' te construeren;
dat is (zo lees ik in een encyclopedie) een 'toestel dat voortdurend in beweging blijft
(arbeid verricht) zonder toevoer van beweegkracht'.
De uitvinding van Hannes Brinkhoff is 'van onberekenbaar nut', meldt de Arnhemsche Courant van 2 februari 1855. Het is een werktuig dat een verbazende kracht kan ontwikkelen en dat geschikt is tot het opleveren van beweeg-kracht 'en daarin de stoomtuigen overtreffende'.
tekst: jubileumboek 75 jaar Machinebouw Bergia.

jan

Jan Pas

gerrit

Gerrit Pas

henk

Henk Pas

theo

Theo Pas (1912)



Thursday the 24th. Joomla 2.5 templates. Custom text here